Ik moet nog drie jaar. Onlangs werd ik zelf 27, maar er gebeurde niets! Geen zakgeldverhoging, geen toegang tot attracties of plaatsen waar ik eerst nog niet mocht komen en geen verruiming van de eigen verantwoordelijkheid. Zevenentwintig maakt geen verschil.
Stoere Ferrari
Als tiener was ik dolblij met zo'n zevende 'sabbatsverjaardag'. Even een keer geen nieuwe privileges, ik was nog maar net gewend aan mijn brommer en één toegestane kater per week. Nu wil ik meer. Thuis, bij vrouw en dochter, mag ik op mijn verjaardag weer even helemaal kind zijn. Na het werk eten we pannenkoeken en 's middags gaan we met z'n drieën naar het zwembad. Wat ontbreekt, is de glanzende kaart met een stoere Ferrari erop en achterop de handtekeningen van alle juffen en meesters. Maar dat is slechts de minst erge leemte.
Ik heb recht op een volgende stap! Op mijn werk ben ik al veel te lang de benjamin tussen de ervaren collega's. Ze lachen me steeds lieflijk toe als ik ze enthousiast over mijn ideeën vertel. Je ziet ze denken: "Schattig, dat jeugdig idealisme", en gaan dan weer stoïcijns door met het 'echte' werk. Officieel volwassen worden, op mijn 21e, lijkt alweer een eeuw geleden. Pas als je dertig bent, doe je echt mee. Bovendien weet zeker dat onder mijn nu nog kale, jeugdige borst een golvende zee van zwarte borstharen staat te popelen. Die kun je ook niet zo lang laten wachten.
Steppende stumpers
Moe gezwommen en een beetje melancholisch staar ik die middag door het raam. In de verte komt een groepje mannen deinend op mij af, op de step! De voorste van het stel, eind dertig, geplastificeerde routekaart op het stuur, blauwgestreept overhemd in z'n beige linnenbroek met daaronder een paar stevig gestrikte, zichtbaar weinig gebruikte sportschoenen. Heb je een beeld? Daarachter een tiental volgzame, jongere dertigers. Sommigen hebben zich nog hip gekleed, maar je ziet het in hun ogen: de aftakeling is al ingezet. De weg terug overduidelijk een ‘mission impossible’. Een overweldigend gevoel van 'Dat nooit!' doet me energiek opspringen en terwijl ik vriendelijk naar het groepje steppende stumpers knik, denk ik: "Ik heb nog drie jaar!"
Tekst en beeld: Douwe Schaaf
Lees hier meer columns van Douwe

















